Zoeken in deze blog

dinsdag 25 juni 2002

Theo Witte verlaat na achttien jaar uitleen Thuiszorg

Theo Witte verlaat na achttien jaar uitleen Thuiszorg

Mensen die tijdelijk een rolstoel, krukken of een aangepast bed nodig hadden, kwamen de afgelopen jaren bij hem terecht. Sinds 1984 was Theo Witte uit Den Burg beheerder van het uitleenmagazijn van de Thuiszorg aan de Schoonoordsingel. Vandaag gaat de in zijn vrije tijd zeer actieve Witte met pensioen.

‘Kijk, dit zijn speciale hoezen die je om je been kan doen als je in het gips zit’, zegt Witte, terwijl hij een kort rondje maakt door de Thuiszorgwinkel in het gebouw aan de Schoonoordsingel. ‘Dan kan je toch normaal douchen.’ Hij wijst op een bak met diverse krukken en haalt er een speciale stok uit. ‘Hier zit een knijpertje aan waarmee je iets van de grond kan oppakken zonder te hoeven bukken.’ Een rollator, allerhande spullen voor baby’s en andere zorgartikelen zijn eveneens aanwezig. Samen met Jan Zijm is Witte een van de vertrouwde gezichten in de winkel. Deze week stond hij er voor het laatst. Vandaag gaat hij, na 18 jaar beheer en uitleen van rolstoelen, krukken en bedden, met pensioen. Witte: ‘Het is wel een raar gevoel dat ik vanaf volgende week niet meer hoef te werken.’
Veel wist hij eigenlijk niet van zijn nieuwe werkgever toen hij in dienst trad. Na twee jaar in de WW te hebben gezeten, kon Witte bij toen nog het Groene Kruis Texel een baan krijgen als concièrge en beheerder van het uitleenmagazijn. Een heel andere baan dan zijn voorgaande werkzaamheden. ‘Ik was eerst onderhoudsmonteur bij de Asfaltmolen van de firma Daalder. Repareerde ik machines als ze kapot gingen. Daarvoor werkte ik bij Schoorl op de plaats waar nu de Albert Heijn zit. En ik ben na de LTS begonnen bij toenmalige smederij Paagman op de plaats waar nu camping De Driehoek is. Daar maakten we landbouwmaterialen en constructies. Hans Bruining, die toen chef was van de werkplaats, had zelf een systeem bedacht voor diepgaande ploegen voor de bollenteelt. De scharen en risters lieten we van de overkant komen en de frames zetten we zelf in elkaar.’ In 1980 stapte hij over van Daalder naar Rab. ‘Totdat in 1982 de bouwcrisis zich aandiende.’
Aan de Schoonoordsingel had Witte in het begin het beheer over zo’n tien rolstoelen en een aantal bedden. Daarnaast verrichtte hij concièrgewerk, onderhield het aanpalende gebouw van de tandartsen en verzorgde de tuin. In de loop der jaren verlegden de werkzaamheden zich steeds meer naar de zorg en uitleen. Het aantal rolstoelen groeide naar vijftig en het aantal zogeheten hooglaagbedden (verstelbare bedden) groeide naar vijfentwintig. ‘Ik kom amper nog aan de tuin toe. Vroeger konden mensen na een operatie twee weken in een ziekenhuis blijven. Nu moeten ze thuis revalideren. Het aantal oudere mensen dat langer thuis blijft wonen is groter geworden en het aantal vakantiegasten dat zorg nodig heeft, is gegroeid.’ Witte heeft diep respect voor het werk dat hij de medewerksters van de Thuiszorg ziet verrichten. ‘Daar had ik geen weet van toen ik hier kwam. Maar als je ziet wat die allemaal te verstouwen krijgen. Dat is niet niks.’ Zelf maakte hij regelmatig mindere omstandigheden mee van andere Texelaars die hulp nodig hadden. Witte is regelmatig op pad om bedden te installeren of andere zorgmaterialen af te leveren. ‘Het is niet altijd prettig wat je ziet. Soms ook confronterend, omdat je hier veel mensen kent. Gelukkig is het consultatiebureau ook hier gevestigd. Dat biedt een mooi tegenwicht omdat je daar weer nieuw leven ziet en je kan er tijdens de koffie even bijkletsen met de collega’s. Ik zie er ook regelmatig meiden die ik als coach bij de Texelse Boys nog in het dameselftal heb gehad. Dan zie je ze nu met baby’s.’

Naast zijn werk is Witte behoorlijk actief in het verenigingsleven. Zijn bijnaam ‘Theo Kantine’ dankt hij aan zijn jarenlange inzet voor de kantine van de Texelse Boys. Met die bijnaam kon hij ook meteen onderscheiden worden van twee andere Theo Wittes. Twaalfeneenhalf jaar lang draaide Witte samen met zijn vrouw Corrie de kantine van de voetbalvereniging. ‘We begonnen in de kleine kantine op het voormalige veld aan de Westerweg, waar nu de zweefvliegclub oefent. Na de verhuizing zijn we meegegaan naar het complex aan de Haffelderweg. Daar waren we vaak open omdat ook de atletiek, het wielrennen, honkbal en rugby gebruik moesten kunnen maken van de kantine. We hadden toen opgroeiende kinderen die het ook wel leuk vonden om mee te helpen en soms een pilsje te tappen.’ Witte was vanaf zijn zeventiende veertig jaar lang lid van de voetbalvereniging. Voetballen deed hij vooral recreatief. ‘Ik ben een paar keer ingevallen in het eerste, maar meestal speelde ik in het tweede of derde.’ Na de fusie met SV Texel bleef hij bij het recreantenteam van Texelse Boys spelen. Als coach van het dameselftal maakte hij een promotie mee naar de hoofdklasse van de afdeling Noord-Holland. De dames troffen daarin tegenstanders met speelsters van het Nederlands dameselftal. ‘Soms verloren we partijen met 10-0, maar soms wisten het ook tot 1-0 beperkt te houden als we er weer goed gemotiveerd tegenaan gingen.’
Klaverjassen, tennissen, wandelen, zingen bij het Oudeschilder Visserskoor en het programma Sport Lokaal van Radio Texel presenteren zijn andere bezigheden. Met tennissen begon hij vijf jaar geleden, klaverjassen doet Witte al ruim vijfentwintig jaar. Sinds tien jaar is hij ook voorzitter van Klaverjasclub Den Burg. Het clubkampioenschap heeft hij nog niet te pakken gekregen, met zijn broer Jaap werd hij wel twee keer kampioen van Texel. Met zijn broer, die afgelopen winter overleed, vormde Witte jarenlang een vast team. ‘Ik heb dit seizoen afgemaakt met Rosa Harbers. Voor komend seizoen ben ik nog op zoek naar een klaverjasmaatje.’

Radio Texel kan al een jaar of tien op zijn stem rekenen. Regelmatig zit Witte op zondagmiddag tussen 16.00 en 18.00 uur achter de microfoon om met sporters over hun prestaties te praten. Hij betreurt het dat de wisselwerking tussen sommige sportclubs en het radioprogramma soms matig is. ‘Met bijvoorbeeld voetbal, volleybal of basketbal is het geen probleem. Maar we hebben bijvoorbeeld ook goede zwemmers en atleten waar we weinig van horen. Dan spreek je iets af met een club om daar verslag van te doen en na één, twee keer is het weer op. Dat is jammer, want daar worden ook goede prestaties geleverd.’ Bij het Sportgala van afgelopen winter werden Witte en medepresentatoren Willem van Leersum en Gerrit Verhoeven in het zonnetje gezet voor hun inzet voor Sport Lokaal.
Wandelen doet Witte onder meer bij de Ronde om Texel die vorig weekeinde werd gehouden. De afgelopen twintig jaar liep hij tien keer mee. Daarbij liep hij overigens deels op ‘eigen werk’. Witte: ‘Toen ik nog als onderhoudsmonteur bij Daalder werkte, was ik ook betrokken bij de verhoging van de dijk tussen Oudeschild en De Cocksdorp. Ik repareerde de machines als die kapot gingen, maar ’s avonds walste ik ook wel eens een stukje asfalt af als de asfaltploeg al naar huis was. Die ploeg kwam van de overkant. Het asfalt kon pas worden afgewalst als het afgekoeld was.’ Bij het Oudeschilder Visserskoor is hij sinds vier jaar vast koorlid. ‘Het is een gezellige ploeg waarmee we op zaterdagmiddagen repeteren. Ik ben er al zo’n dertien jaar bij betrokken. Corrie is accordeoniste bij het koor.’

Als verzorgende is zijn vrouw ook bij de Thuiszorg betrokken. Binnenkort gaat ook zij met pensioen. Witte: ‘Ik had twee jaar geleden al met pensioen kunnen gaan, maar dan had ik twee jaar lang op haar moeten wachten. Ik heb daarom vier jaar lang halve dagen gewerkt, zodat het wat dichter bij elkaar zou liggen.’
In de tijd dat hij aan de Schoonoordsingel werkte, maakte Witte diverse veranderingen in de organisatie mee. ‘Het was Groene Kruis Texel, daarna werd het Kruisvereniging Den Helder, Kruisvereniging Kop van Noord-Holland en nu is het Thuiszorg Kop van Noord-Holland. Ik heb nu zo’n 150 collega’s van wie een groot deel parttime werkt. Het is moeilijk om die allemaal te kennen.’
Met collega’s streeft Witte er al geruime tijd naar dat Thuiszorg een apart telefonisch spreekuur voor Texelaars instelt. Mensen die de Thuiszorg bellen, komen terecht op een centraal punt in Den Helder. ‘Vooral voor oudere mensen is dat moeilijk uit te leggen. De meeste waren gewend dat ze iemand aan de lijn kregen die meteen wist waarvoor ze belden. Nu moeten ze dat telkens uitleggen.’ Thuis wilde Witte ook nog wel eens telefoontjes krijgen van mensen die iets nodig hadden. ‘Meestal was dat geen probleem. Als een vrouw op zaterdagochtend belt om te zeggen dat een wiel van haar rollator kapot is, doe je er wat aan. Anders kan ze het hele weekend niets meer.’ Zijn werk wordt overgenomen door Kees Schuijl die de afgelopen weken al ingewerkt werd.
Zorgen over de invulling van zijn vrije tijd maakt Witte zich niet met zijn bezigheden. ‘We hebben nu ook wat meer tijd om te wandelen en te fietsen en voor de kinderen en de kleinkinderen. En we gaan ook weer met vakantie. Dit jaar is Corsica aan de beurt. Een eiland, ja. Als we naar Griekenland gingen, gingen we ook vaak naar eilanden.’
Bij tennisvereniging Deuce heeft Witte inmiddels een ‘oude liefde’ opgepakt. Hij houdt zich er bezig met de kantine. Een van de taken is het regelen van mensen die tijdens het komend Texeltoernooi achter de bar staan. Lachend: ‘Ik ben er lid van de kantinecommissie. Maar zoals bij veel verenigingen is er een tekort aan vrijwilligers dus ik ben ook het enige lid van de kantinecommissie.’

Texelse Courant

zaterdag 15 juni 2002

Stamboom Familie Cock

----- Original Message -----
From: "Bulck-van.Peter"
Sent: Saturday, June 15, 2002 10:49 PM
Subject: [TEXEL] Eierland periode 1835-1850; Nicolaas Joseph de Cock, Pieter
Maris van Bulck e.a.


Beste lezers,
wie kan mij helpen aan informatie over het volgende:

Zoals bekend werden na 1836 door Nicolaas Joseph de Cock en enkele anderen
werkers ingehuurd voor de polder Eierland; een van hen was Petrus Gomarus
van Bulck, in Texel genoemd Pieter Maris van Bulk. Hij was boomkweker uit
het Belgische Pulderbos, nabij Soersel. Hij bewoonde, waarschijnlijk vanaf
1838, de inmiddels verdwenen boerderij Soersel aan de Ruigendijk. Hij was
getrouwd met Catharina van der Elst. Zij kregen op 18 maart 1839 een zoon,
Nicolaas. Ik heb daarvan het doopbewijs (parochie Johannes den Dooper te
Den Burg).
Hierop wordt vermeld dat de Peter..... Nicolaas de Cock is, en de
meter....
Elisabeth van der Elst. De pastoor heette Brinkman.
Verder heb ik een extract uit het geboorteregister van de zoon van Pieter
Maris en Catharina, van 22 augustus 1842, getekend met 'P Vieriser JZ'.
Uit het boerderijenboek begreep ik van Miriam Klaassen dat de zwager van
Pieter Maris van Bulck, Casper Joseph van der Helst (van der Elst?) ook in
een huisje bij de boerdeij woonde, getrouwd met Antje Jacobsd
Schaatsenberg.
Casper was arbeider. Pieter Maris van Bulk bezat in 1842 500 schapen, 5
paarden en een veulen, acht koeien en twee schetters. Hij vertrok met zijn
gezin voor 1850 van Texel.

Ik heb natuurlijk een heleboel vragen.....
- Nicolaas Joseph de Cock is een bekende persoon uit die tijd; was het een
vriend van Pieter, kenden ze elkaar uit Belgie? Was hij daarom de meter
van Nicolaas van Bulck? Was hij wellicht getrouwd met familie van Catharina
van der Elst? Is zijn vrouw vroeg overleden, aangezien beschreven is dat hij
en z'n minderjarige dochter Elisabeth Catharina eigenaar werden van polder(s)
van Eierland? Is zijn minderjarige dochter wellicht de 'meter'?
- Waarheen vertrok Pieter Maris met zijn gezin? En gingen Casper en Antje
ook weg?
- Zijn de ouders van Antje misschien Vrouwtje Smit (7-8-1790) en Jacob
Willems Schaatsenberg (10-5-1789)?
- Hoe en wanneer kwam Casper terecht op Texel? Is hij een broer van
Catharina, en is de 'meter' Elisabeth een zus van Catharina? Is het de
dochter van De Cock?

Ik ben heel erg benieuwd of iemand iets meer weet, aangezien mijn
zoektocht hier momenteel staakt, op Texel....

Groeten uit Gouda,
Peter van Bulck

From: "Anneke Dijk"
Subject: Re: [TEXEL] Eierland periode 1835-1850; Nicolaas Joseph de Cock, Pieter Maris van Bulck e.a.
Date: Sun, 16 Jun 2002 07:44:51 +0200

Hallo Peter Bulck

Het volgende heb ik in mijn bezit over de familie De Cock
Dit stuur ik u toe en ik hoop dat ik aanvullingen van u terug
kan krijgen als u die heeft.

Groetjes Anneke Dijk-Bakker

STAMBOOM FAMILIE DE COCK EERSTE GESLACHT

0.0.Emanuel Paulus Benedictus De Cock gb 11-12-1774 Brussel ov 31-10-1839
Lochristi
(Emmanuel Paul Benoit)
x ca 1799
Petronella de Kuijper gb ca 1775 ov ..-..-1849 Gent
Kinderen:
1.1 Nicolas Joseph De Cock gb 19-01-1800 Gend kanton Axel ov 15-02-1848 te
Huize Loochristy
1.2 Auguste De Cock gb 30-12-1804 Gend kanton Axel ov 09-06-1869
Gent
1.3 Theodore De Cock gb 17-03-1808 Gend kanton Axel ov 03-07-1877
Antwerpen

STAMBOOM FAMILIE DE COCK TWEEDE GESLACHT

1.1.Nicolaus Joseph Emanuel-Paulus-Benedictusz De Cock reder, koopman te
Rotterdam
x ca 20-10-1825 (niet te Antwerpen) aan de Wijnhaven
Francoise Thérèse Isabelle De Cock gb ..-01-1807 Brussel ov 15-04-1857
St Josse ten
Kinderen: Noode
2.1 Elisabeth Catharina De Cock gb 10-11-1826 Antwerpen ov 28-12-1856 St
J.ten Noode
2.2 Emanuel Franciscus De Cock gb 28-03-1829 Antwerpen ov 23-09-1869
Brussel


Nicolaus Josephus De Cock, zie nr.1.1., kwam op 29-01-1822 vanuit Gend naar
Antwerpen, zijn vrouw volgde hem op 20-10-1825. Zij kwam uit haar
geboortestad Brussel. Hij heeft deel uitgemaakt van de firma Kuyper, Van Dam
en Smeer, een bekend Rotterdams cargadoorsbedrijf. Vanaf 1838 wonen ze aan
De Boompjes A79 als zeehandelaar, vanaf 1841 aan de Wijnhaven B192 als reder
en vanaf 1847 als koopman aan de Wijnhaven 2- 213.
N.J. De Cock bezat in 1830 11,3 % van de totale tonnenmaat van de Belgische
koopvaardijvloot, had dus de grootste vloot van het koninkrijk. Later ook
eigenaar van de schepen: "Prins van Oranje" en "Emanuel".
Hij bestond bekend als een verwoed Orangist en week daarom rond 1832 naar
de stad Rotterdam, waar hij de Hollandse afdeling van de firma
Bisschop-Basteyns en N.J. De Cock vertegenwoordigde.


1.2.Auguste Emanuel-Paulus-Benedictusz De Cock textielkoning van Gent
senator, liberaal schepen te Gent en gouverneur ad interim
x ca 1823
Maria Thérèse Eléonore de Meulemeester gb ..-12-1803 ov 25-05-1871
Gent
Kind:
2.3 Auguste Francois Ghislain De Cock gb ..-..-1824
vice-consul van Denemarken


1.3.Theodore Emanuel-Paulus-Benedictusz De Cock reder, koopman te Antwerpen
x 16-04-1833 Antwerpen
Maria Theresia Adela Legrelle gb 14-05-1810 Antwerpen ov 19-12-1861
Antwerpen
Kinderen:
2.4 Emma Maria Josephina De Cock gb 26-06-1834 Antwerpen
2.5 Theodorus Petrus Franciscus De Cock gb 05-12-1836 Antwerpen ov
17-12-1864 Antwerpen
2.6 Nicolaus Josephus Alphonsus De Cock gb 03-07-1839 Antwerpen

Theodore De Cock, zie nr.1.3., vestigde zich op 22-01-1833 te Antwerpen.
Hij kwam van Rotterdam.

Nicolaus Josephus Alphonsus De Cock, zie nr.2.6., vertrekt op 29-07-1863 van
de stad Antwerpen naar Berchem.


STAMBOOM FAMILIE DE COCK DERDE GESLACHT

2.1.Elisabeth Catharina Nicolaus-Josephs De Cock
x ca 1851
Cesar Nicolaus Daumerie gb ca 1824

2.2.Emanuel Franciscus Nicolaus-Josephsz De Cock reder, koopman,
commissionair
x 21-11-1855 Rotterdam
Constantia Maria Antoinette de Kuyper gb 15-09-1827 Rotterdam ov
04-01-1878 Brussel
dv Remigius Joannes Antonius de Kuyper (pondgaarder) en Elizabeth de
Kuyper
Kinderen:
3.1 Josephine Elisabeth Marie De Cock gb 26-01-1857 Rotterdam
3.2 Marie Jeanne De Cock gb 06-05-1858 Rotterdam
3.3 Nicolaas Jean De Cock gb 13-11-1859 Rotterdam ov
15-11-1915 Ath
3.4 Francoise De Cock gb 14-03-1866 Rotterdam ov
02-08-1868 Rotterdam
3.5 Jeanne De Cock gb 14-10-1868 Rotterdam ov
ca 1869 Rotterdam

Constantia Maria Antoinette de Kuyper, zie nr.2.2., vertrok uit Rotterdam
op 11-04-1870 met 4 kinderen naar Brussel Trierstr.116.

2.4.Emma Maria Josephina Theodores De Cock
x 03-10-1863 Antwerpen
Gustavus Agie gb ca 1832 Antwerpen
Antwerpse koopman, adres: in 1880 Ammanstraat 9 Antwerpen
Kinderen:
- Maria Josephina Julia Adela Margaretha Agie gb
28-12-1864 Antwerpen
- Clementia Margaretha Maria Josepha Emma Adela Agie gb 23-01-1868
Antwerpen
- Josephus Maria Carolus Edmundus Gustavus Agie gb 31-03-1870
Antwerpen


STAMBOOM FAMILIE DE COCK VIERDE GESLACHT

3.1.Josephine Elisabeth Marie Emanuel-Franciscus De Cock vertrekken op
06-09-1877 naar Antwerpen
x 28-08-1877 Brussel
Herman Jean Binjé gb ..-..-1856 ov 22-08-1924 Antwerpen


3.2.Marie Jeanne Emanuel-Franciscus De Cock vertrekken op 27-07-1880
naar Beloeil
x 17-07-1880 Brussel
Edmond Gustave Jadot gb ca 1856


Vlootlijst van N.J.De Cock & Frère te Gent in 1830:

tuig naam kapitein inhoud

fregat Java J.Y. van der Zweep 269 last
fregat Delphina Th. Versluys 213 last
fregat Hortence J. Dobbelaar 194 last
fregat Vasco da Gama C. Brandaris 162 last
fregat Auguste J.F. Flemming 161 last
fregat Fanny P. de Boer 116 last
brik Louisa Augusta J.C. Jansen 132 last
brik Adèle M. Bakker 130 last
brik De Cock J. Joostens 78 last
schoener Diomedes E. den Duyts 140 last
schoener Frederica P.J. van den Kerckhove 133 last
galjoot Pauline J. den Duyts 134 last
kof De jonge Nicolaas H. Peters 115 last
kof Theodore J. van der Perre 65 last

totaal 14 schepen met: 2042 last

Douwe Mets van Oudeschild heeft de reis op 14 mei 1838 met de "Emanuel" van
N.J. De Cock goed afgelegd. Hij zag er best uit. Zijn zwager Dekker ging als
opperstuurman met het schip "Java", ook in eigendom van N.J. De Cock, naar
China.